Retraite in de Abdij van Orval

Verblijf in de abdij van Orval

Dinsdag 4 november 2013

We melden ons aan bij de balie van de abdij waar we vernemen dat we 15 min te laat zijn voor het inchecken. Het was ons niet meegedeeld dus wisten we het niet.  We worden wel toegelaten tot de abdij en de receptionist toont ons de wachtzaal en de refter waar de tafel reeds gedekt staat. Zo te zien zijn er weinig mensen die momenteel in de abdij verblijven. Slechts een lange tafel staat gedekt. 

We nemen plaats in de wachtruimte waar het gezellig warm is. Nauwelijks vijf minuten later komt broeder " van de logies" ons hartelijk welkom heten. Bij het horen dat we van Brugge komen slaat hij de armen in de lucht en roept : " ah la Belle ville de Bruges".  We lopen even mee tot aan een klein kantoortje waar we onze sleutel overhandigd krijgen. Ik krijg kamer 10, met de Heiligennaam Sint-Jacques.   Peter krijgt de kamer er naast, Saint -Andre. 
We mogen zelf de weg naar de kamer zoeken, maar eerst krijgen we nog een korte wegbeschrijving naar de kerk via de gaanderij. 

De kamer is simpel maar al wat je nodig hebt is er. Een tafel en een stoel. Een lavabo met spiegel. Een bed en een kruk die dienst doet als nachttafeltje.   Er is ook een kast waar je wat kledij in kan opbergen. Er hangt een kruis en een postkaartje van de patroon heilige van mijn cel. Daarnaast een kaartje met wat info over hem. 

Om tien voor twaalf gaan we in alle stilte naar de kerk via de gaanderij. De stilte is fenomenaal. Je hoort enkel de regen vallen.  Halverwege komen we voorbij de brouwerij. De geur van hop en mout slaat in de neus.  We zijn mooi op tijd voor de middagdienst en nemen deel aan het gebed en zang. Na de korte dienst is het oorverdovend stil. Het doet iets met me. Plots voel ik me klein, heel klein. Als de 
Broeders de basiliek verlaten gaan ook de weinig aanwezigen weg. Ik geniet van de stilte en loop eens rond in deze majestueuze kerk. Een deel van de kerk wordt niet gebruikt wellicht om dichter bij de mensen te staan. Er staat een prachtig altaar. Jammergenoeg aan het zicht onttrokken. 

Na de middagdienst is het al tijd om aan tafel aan te schuiven.   De tafels zijn sober gedekt. Een plat bord en een diep bord. Bestek en een glaasje. Daarnaast prijkt fier een flesje Orval zonder opschrift.   We kijken even de kat uit de boom want we zijn nieuw en kennen de gewoontes nog niet.  

Om gesprekken te vermijden staan de tafels opgedekt side-by-side, je hebt enkel een buur en geen overbuur.

Een oudere broeder komt uit de keuken en terwijl iedereen nog rechtsstaat spreekt hij het gebed uit en wenst ons smakelijk te eten.   Hij komt langs om bij iedereen het flesje bier te openen. Sommigen laten dit aan zich voorbijgaan en nemen water.  
Her en der op tafel staan soepterrines met heerlijk dampende soep. De maaltijden moeten in stilte genomen worden al speelt er wel een streepje klassieke muziek op de achtergrond.  Mijn buurman geeft me zijn leeg soepbord en ineens blijk ik verzamelpunt te zijn van borden en lepels. 
Met een rolkar komt de broeder de borden afruimen en geeft ze via een doorgeefluik aan anonieme armen in de keuken. 
In de refter staat een grote warmkast waarin ovenschotels zitten. Ook die worden met de rolkar verdeeld...een soortement vislasagne met spinazie en ricotta. Het ziet er niet uit maar eerlijkheidshalve moet ik toegeven dat het lekker is.  Het bier dat we bij de maaltijd krijgen is iets minder sterk dan dat wat je in de handel of op cafĂ© kan vinden maar het smaakt lekker en is op kamertemperatuur. Hier ligt de kunst in het schenken zodat je niet meer schuim dan bier hebt in je glaasje.  Als dessert ligt er een chocoladereep. Ik merk op dat die van mijn buurman een weekje over datum is. 

Van zodra de muziek stopt, is de maaltijd voorbij. Iedereen staat terug recht voor het dankgebed en ruimt zijn tafel af. Een mooie samenwerking, want iedereen helpt mee en al onmiddellijk wordt de tafel voor het avondmaal gedekt. Alle hulp is welkom bij de afwas en we bieden spontaan onze handen aan.  Een krachtige vaatwasser doet het meeste werk. Er is een  leuke mix van mensen die helpen met afdrogen en wegzetten. Sommige retraitanten zijn hier al langer of zelfs vaker geweest. Ze delen met plezier hun verhalen en anekdotes want in de keuken mag er wel gepraat worden. 
Koken doen ze hier niet zelf. Er wordt met twee traiteurs gewerkt en dan vooral met die ene traiteur die klaarblijkelijk ontstaan is uit een deel sociaal en maatschappelijk werk waarbij minderbedeelden of mensen in moeilijkheden de kost verdienen door te koken voor de abdij. 

Na de maaltijd biedt Peter me een reiki behandeling aan waar ik enigszins terughoudend op in ga niet wetende wat ik er mag van verwachten. Peter legt me kort uit wat hij zal doen en zegt me vooral mijn emoties niet uit de weg te gaan en ze te laten opborrelen. Ik geef me volledig over aan zijn kunnen wetende dat ik in vaardige handen ben. Algauw dommel ik in en slaap "de slaap der onschuldigen", althans zo voel ik me als ik wakker kom. 
In de namiddag kan je in de wachtzaal terecht voor een kop koffie of thee met een biscuitje.   Na mijn verkwikkend rustmoment zoekt Peter me op en vraagt me mijn ervaring te delen wat ik met alle plezier doe. Ik was getuige van een innerlijke gloed en even leek het zelfs of ingeven ledematen meer had. Het was voor mij een heel intense ervaring. 

Om 17.30 uur zijn we terug in de kerk voor de Vespers. Er is wat meer volk,dan deze middag want nu is er ook eucharistie en kunnen gelovigen van buitenuit ook de kerk betreden. Het aantal broeders die de dienst bijwoont varieert. Wellicht komen ze naar de dienst na het invullen van hun dagelijkse verscheidene taken. Er wordt vooral veel gezongen en de gelovige, zingen bijna allemaal mee.  Het is makkelijk te volgen want er liggen telkens boekjes met de tekst en notenbalken klaar bij het binnenkomen van de kerk. 

Een dame uit Luxemburg komt naast mij lopen en heeft duidelijk zin in een gesprek want ze heeft het lastig met de stilte.  Ze is wat op de dool geeft ze me mee en is hier om terug het juiste pad te vinden.  Ze vraagt waarom ik hier ben.  Ik zeg dat ik even wil stilstaan en kijken naar mezelf. Op haar vraag of ik gelukkig ben moet ik ja antwoorden. Ik heb een lieve man die van me houdt, heb vrienden om me heen en een job. Ze begrijpt niet wat ik hier dan kom zoeken.  Even de tijd nemen om stil te staan en dan beter vooruit te kunnen. Sterker worden voor mezelf zodat ik voor mijn partner en vrienden sterker ben. 

18.30 uur. XHet avondmaal bestaat uit koude pasta, gesneden tomaatjes kaas van de abdij en brood. Naast de tomaatjes ligt een soort bereid gehakt. Terug met een Orval of water. Als dessert is er een appel. 

Om 20 uur worden we terug verwacht in de kerk voor de Diest voor het afsluiten van de dag. Terug een korte dienst weliswaar. Na de gebedsronde staan twee broeders op en gaan in het midden van de kerk gaan staan. De lichten gaan uit en ze heffen in het quasi donker een "Salve Regina" aan. Het is prachtig. Na afloop valt de stilte op de schouders.....

Reacties